One-liners uit de voordracht “Ouwe Vèrrekes”
Vèrreke

Waarom wordt er tegenwoordig niet meer deur de boeren geslacht waarom wordt er niemer aan huis zelf geslacht. Eigenlijk heeft de komst van de vriezer en de koelkast dat overbodig gemaakt.

Het is de overheid met zijn wetten en wetjes die ook de slachters en de loonslagers heei gedwongen om ermee te stoppen.

Het varken werd dus bij den beer gedaan en die hadden dan samen sex en na een paar maanden kreeg dat varken biggen. . Nou kom ik zelf uit een groot huishouwen en ik weet nog goed toen ik klèèn was ik ene keer aan ons moeder heb gevragen: Moeder wat is dat nou sex. Ach jongen zeei ons moeder toen, voor dieen onzin heb ik met twaalf kènder geen tijd gehad.


En dan op een gegeven moment zeei onze pa: Ut zal nie lang meer duren: Of ik moak mèn vèrreken vet. Daar bedoelde hij mee: Ut mot worren geslacht.  

Dat water werd dan gekookt in dezeslachtenlfde ketels als waarin ons moeder zondag middags de was kookte als wij met onze vader naar het voetballen waren. Van die grote ketels met van die grote witte lakens erin en een zakske blauwsel erbij.

Onze pa stak een vlijmscherp mes in de keel van onze Knor. Die bloedde dan as un vèrreke en dat bloed werd opgevangen in een rode geëmailleerde emmer die ons moeder tussen dur benen en durre schort hield.

Jullie kennen allemaal het spreekwoord: ‘Ze kunnen allemaal mijn kont kussen’.

Nou dat gebeurde onder het slachten. Niet dat de  kont van de slager werd gekust, nee de kont van het dode varken viel die eer te beurt. 

Het vet werd kort gesneden of door een worstmachientje gedraaid waarna het werd gesmolten.  Zo ontstond vet mee koaikes.


De keurmeester kreeg vruuger, als hij het varken had goedgekeurd, ook een borreltje. Er waren keurmeesters, die van thuis een lege fles meenamen en ieder aangeboden borreltje accepteerde en in de lege fles gooide. Die kwam dan nuchter thuis, maar wel met een fles vol sterke drank.


Als de keurmister het vèrreke had goedgekeurd werd het op de ladder in de bijkeuken neergezet om enen nacht te bestèèrven. Dikkuls werd er dan een wit laken over heen gehangen. Mijn zus bijvoorbeeld durfde dan snachts niet langs dè vèrreke te loopen om buiten naar de plonsplee te goan.


Soms werd er stroop door het vet geroerd en als ‘stroopvet’ op de boterham gesmeerd. De kanen of ‘kaoikes’ gingen door de stamppot.


Het hart, de longen, de kop, de strot, de tong, de milt, As verzamelnaam hadden die vaak “De Loos”, die werden met de kinnebak gekookt om er zult oftewel haksel van te maken.

slachten
Moeder de vrouw was nog een hele week bezig met allerlei dingen.
 Er werd vet gedraaid en gesmolten, balkenbrij, bloedworst maar ook “dreuge” worst moest worden gemaakt.


Het lekkerste van ut vèrreke vond ik vruuger altijd spek, lekker gebakken spek. Ons moeder legde dan  een paar dikke schijven in de koekenpan en met een paar sneden brood  met stroopvet konden wij er weer tegen en dan zeei onze vader tegen ons moeder als hij ons zo zag schransen: “ Merrie,  Die zullen zult geen zand meer schijten!”


Wat ik mij ook nog herinner van vruuger: Hoe ze het wisten ik weet het niet maar als onze pa in de keuken aan het afkappen was dan kwam de pastoor achterom en die wiste vertellen dat ik altijd zo goed oppaste in de Catechismusles, dat ik goed kon leren ik kon misschien zelfs misdienaar worden en dat ik maar eens een schoon prentje moest komen halen op de pastorie.


Waarop ons moeder tegen onze pa zeei: Piet dat kon wel eens enen crèp kosten. Dat denk ik niet zeei dun ouwen Piet, hij kan
nog eerder creperen.

terug